Page 132 - Machine installation instructions
P. 132

NL

          Camera
          Maak de camera regelmatig schoon om hem schoon te houden.

               WAARSCHUWING

               - Zorg ervoor dat de maaier is uitgeschakeld voordat
               u hem schoonmaakt.
               - Wanneer de maaier ondersteboven staat, zet hem
               dan uit.

          6.2 Blades Vervangen

          Voor betere maaiprestaties en veiligheid wordt aanbevolen
          om de schroeven en bladen van de maaier om de 1-2
          maanden te vervangen als deze vaak wordt gebruikt. Voor
          een veilig snijsysteem, vervang alle messen samen met
          hun schroeven op hetzelfde moment.


               WAARSCHUWING
               - Draag bij het inspecteren of onderhouden van het
               mes dikke handschoenen.
               - Gebruik de schroeven niet opnieuw. Ernstige
               verwondingen kunnen het gevolg zijn van dit doen.
               - Wij raden u ten zeerste aan de juiste schroeven
               en originele messen te gebruiken die door ons zijn
               verkocht. (NO.80201457-02).

          Hoe te vervangen blades
          A. Zet de maaier uit.
          B. Zet de maaier ondersteboven op een vlekkeloos, zacht
          oppervlak om krassen te voorkomen.
          C. Gebruik een cross-tip schroevendraaier om de
          schroeven los te maken.
          D. Verwijder de schroeven en messen.

          E. Bevestig de nieuwe messen en schroeven (koppel:  1.0+0.2
          N.m). Zorg ervoor dat de messen vrij kunnen draaien.













                                                                OPMERKING
                                                                - Vervang de schroeven met een standaardkoppel van
                                                                1.0+0.2 N.m Een onjuist koppel kan tot vermijdbare
                                                                problemen leiden.
                                                                - Zorg ervoor dat de maaier is uitgeschakeld en controleer
                                                                of de messen goed zijn aangebracht. Controleer op
                                                                abnormale geluiden of trillingen.








                                                                                                                   131
   127   128   129   130   131   132   133   134   135   136   137